kermis
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een feest met attractiesBen jij al met je kleinzoon naar de kermis geweest?
Etymologie
*Afkomstig van het Middelnederlandse kermisse (kerkelijk feest), een samenstelling van kerk en misse met wegval van de -k
Uitdrukkingen
- Van een koude kermis thuiskomen. — Iets hebben beleefd dat erg is tegengevallen
Vertalingen
Engelsfair, funfair, village fair
Franskermesse, fête foraine
DuitsKirmes
Spaansferia, verbena, kermés
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek