kermis

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een feest met attracties
    Ben jij al met je kleinzoon naar de kermis geweest?

Etymologie

*Afkomstig van het Middelnederlandse kermisse (kerkelijk feest), een samenstelling van kerk en misse met wegval van de -k

Uitdrukkingen

  • Van een koude kermis thuiskomen.Iets hebben beleefd dat erg is tegengevallen

Vertalingen

Engelsfair, funfair, village fair
Franskermesse, fête foraine
DuitsKirmes
Spaansferia, verbena, kermés