kerfstok

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iets op je kerfstok hebben: dingen die je misdaan hebt
    Die jongen had al veel diefstallen op zijn kerfstok.

Etymologie

* In de betekenis van ‘stokje waarop door kerven wordt aangegeven wat iemand verbruikt (en dus: hoeveel schulden hij heeft)’. Voor het eerst aangetroffen in 1240