katvanger

mannelijk (de)/ˈkɑtfɑŋər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. misdaad (misdaad) iemand die, bij illegale of criminele activiteiten, in naam eigenaar of houder van een voertuig, bedrijf, bankrekening etc. is, met als doel om de werkelijke eigenaar of houder buiten bereik van de autoriteiten te houden

Etymologie

* (waarbij 'kat' Bargoens is voor 'fooi')