kasuaris

mannelijk (de)/ˌkazyˈwarɪs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. loopvogels (loopvogels) benaming voor vogels uit het geslacht , grote vogels afkomstig uit de tropische regenwouden van Nieuw-Guinea en Australië

Etymologie

*van "kasuari", in de betekenis van ‘loopvogel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1763

Vertalingen

Engelscassowary