karn

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gereedschap (gereedschap) een vat met een stamper bedoeld om er room tot boter in te karnen
    De karn is nu geheel verdrongen door de boterbereidingsmachine.

Etymologie

* In de betekenis van ‘karnton’ voor het eerst aangetroffen in 1351