jurering

vrouwelijk (de)/ʒyˈrerɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beoordeling door een groep deskundigen
    Dat bleek maandagmiddag bij de bekendmaking van de jurering van het bloemencorso op het feestterrein. Zondag was de publieksuitslag trouwens al bekendgemaakt. Tubantia P. Zandee 3 september 2018 [https://www.tubantia.nl/achterhoek/tijdmachine-en-slakkenspoor-br-favoriet-op-corso-festunique~a68940bf/ Tijdmachine en Slakkenspoor favoriet op corso Festunique]
    Het voorgevoel was juist. Gisteren gingen Duitsland en Zuid-Korea in de fout en groeide het besef dat Nederland inderdaad maandag erbij is in de landenwedstrijd. "Nee, verwacht had ik het niet. Al wisten we dat we geen fouten hadden meegenomen en een goede score hadden. Je moet alleen hopen dat de strenge jurering ook de tweede dag wordt doorgetrokken." Tubantia 27 oktober 2018 [https://www.tubantia.nl/andere-sporten/bram-louwije-ziet-naturalisatie-beloond~ac5b0410/ Bram Louwije ziet naturalisatie beloond]
    "Ik had het gevoel dat je de handdoek in de ring hebt gegooid. Jammer, want je hebt zoveel potentie", zei Janny van der Heijden tijdens de jurering. "Dat is jammer." Tubantia E. den Hollander 30 december 2018 [https://www.tubantia.nl/koken-en-eten/maroeska-zorgt-voor-vuurwerk-in-oudejaarsaflevering-heel-holland-bakt~a403bcb1/ Maroeska zorgt voor vuurwerk in oudejaarsaflevering Heel Holland Bakt]

Etymologie

* van jureren