jonker
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- jonkheer
- landjonker
- (libellen) libelle uit een geslacht van libellen (Odonata) uit de familie van de waterjuffers (Coenagrionidae)
Etymologie
* In de betekenis van ‘aanspreektitel voor adelborst’ voor het eerst aangetroffen in 1631
Vertalingen
Spaansdoncel, joven noble
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek