janslot

onzijdig (het)/ˈjɑnslɔt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. late uitloper aan een boom (van na 24 juni, Sint-Jansdag)
    Meestal komen er in de vroege zomer nieuwe bladeren, het zogenoemde sint-janslot, een eigenschap die de struik in staat stelt snel te regenereren na te zijn aangetast door vraat van konijnen of larven van stippelmotten.