jaarhelft

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de helft van een kalenderjaar
    Easyjet verwacht het lopende boekjaar verder te kunnen groeien. Het bedrijf voorziet in de eerste jaarhelft daarvan een groei van de capaciteit met 15 procent, deels door het Tegel-effect. Voor het hele boekjaar rekenen de Britten op 10 procent meer capaciteit. Tubantia 20-11-18 [https://www.tubantia.nl/economie/record-voor-easyjet-vliegtuigen-prijsvechter-nog-nooit-zo-vol~a0cc1a19/ Record voor Easyjet: vliegtuigen prijsvechter nog nooit zo vol]
    Ook de speelsets rond Star Wars liepen in de eerste jaarhelft minder goed dan voorheen. Klassieke reeksen als Lego City, Friends, Duplo en Technic daarentegen bleven wel sterk presteren. Tubantia Barbara de Jong 05-09-17 [https://www.tubantia.nl/economie/lego-schrapt-1400-banen-na-verlies-omzet~a5c652d4/ Lego schrapt 1400 banen na verlies omzet]
    Heineken haalde in de eerste jaarhelft een netto courante winstgroei van 1 procent. Dat is meteen ook het ritme voor de tweede jaarhelft, gaf de derde grootste brouwer gisteren aan. Een zwakke Amerikaanse markt en winsterosie door de sterke euro, verklaren de stagnering.