inkomstenbelasting
vrouwelijk (de)/ˈɪŋkɔmstə(n)bəˌlɑstɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (economie) heffing van de overheid, waarbij inwoners een deel van hun inkomen aan de staat moeten afdragenHet argument dat erfbelasting dubbelop zou zijn omdat de overledene al bij leven belasting heeft betaald is even onterecht. Belasting wordt bij elke nieuwe overdracht geheven: een loodgieter betaalt inkomstenbelasting, hoewel ook de klanten al belasting hebben betaald over het inkomen van waaruit zij de loodgieter betalen.
Vertalingen
Spaansimpuesto sobre la renta
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek