ingenomenheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- goedkeurende gezindheidMaar nu luisterde hij voor de eerste maal met ingenomenheid naar deze woorden en hij trachtte ze niet in zichzelf te weerleggen.
Etymologie
* afleiding van ingenomen
Vertalingen
Engelssatisfaction
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek