ingebruikstelling

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. starten met het gebruiken van iets; in werking zetten
    Kort na de ingebruikstelling van de Koepelgevangenis nam op 1 september 1886 het parlement het besluit het Franse wetboek van strafrecht uit de napoleontische tijd, de Code Pénal, te vervangen door een Nederlands wetboek van strafrecht.

Etymologie

* afleiding van in, gebruik, stellen