in vredesnaam

/ɪɱˈvredəsˌnam/

Betekenis

tussenwerpsel
  1. om ergernis en wanhoop bij een vraag uit te drukken
    Wil je dat in vredesnaam nooit meer doen?
    Ik zie bedrijven zeven jaar na het klimaatakkoord van Parijs en vijfentwintig jaar na het protocol van Kyoto trots wijzen op hun gloednieuwe verduurzamingsdingetjes. Ik kan alleen maar denken dat dit veel te weinig en veel te laat is. Wat wil je in vredesnaam dat ik voor positiefs zeg?
  2. om verbazing en ongeloof bij een vraag uit te drukken
    Waarom heb je dat in vredesnaam gedaan?
    Hoe kun je in vredesnaam zo snel een berg oplopen? Binnen een mum van tijd verdween haar witte rugzak het bos in.
  3. om een oproep te versterken
    Doe het in vredesnaam niet nog eens!
    Maar mocht je na lezing van welke literaire tekst dan ook daadwerkelijk de aandrift voelen om een kind te misbruiken: zoek dan in vredesnaam hulp.
  4. om aarzeling bij een uitgesproken instemming uit te drukken
    Dan moet je het in vredesnaam maar doen.
    Na een oproep tot eenheid in de partij stemt een nipte meerderheid voor. Met pijn in het hart, zeggen leden. „We moeten eensgezind blijven en achter onze leider gaan staan”, zegt oud-parlementariër Nadia Hilo. „Als we ons in de coalitie breed maken, kunnen we de invloed van Lieberman stoppen. In vredesnaam dan maar.”

Etymologie

*(coll), versteende vorm van in vredes naam: "in naam van de vrede"; als alternatief voor "in godsnaam" in verband met het het gebod in Exodus [https://www.statenvertaling.net/bijbel/exod/20.html#7 20:7] en Deuteronomium [https://www.statenvertaling.net/bijbel/deut/5.html#11 5:11]