woorden
boek
Start
›
I
›
ijsvermaak
ijsvermaak
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het plezier dat men hebben op een bevroren watervlakte; het plezier dat men kan hebben met het schaatsen
Verwante woorden
ijsval
ijsveld
ijsvelden
ijsventer
ijsventers
ijsvereniging
ijsverenigingen
ijsverkoop
ijsverkoper
ijsverkopers
ijsvissen
ijsvlakte
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← ijsverkopers
ijsvissen →