ijstijd
mannelijk (de)/ˈɛistɛit/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (glaciologie) een tijdperk waarin de gemiddelde temperatuur lager dan normaal is en uitgestrekte gebieden onder ijs bedolven zijnDe laatste ijstijd kwam zo'n twaalfduizend jaar geleden ten einde.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek