ict-sector

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie, informatica (economie) (informatica) alle leveranciers van producten en diensten op het gebied van informatietechnologie
    In de Nederlandse ICT-sector waren in het eerste kwartaal van 2016 volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) 335.000 mensen werkzaam waarvan 41.000 vrouwen. [http://www.nu.nl/internet/4268596/achtergrond-pizza-etende-jongens-blijven-techwereld-domineren.html www.nu.nl]