huivering
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een rilling als gevolg van afschuw of koude
Etymologie
* van huiveren
Vertalingen
Engelsshudder, shiver
Fransfrisson
DuitsSchauder, Fröstein
Spaansestremecimiento
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek