hub

mannelijk (de)/hʏp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. luchtvaart (luchtvaart) knooppunt in het luchtverkeer
  2. informatica (informatica) onderdeel in computernetwerken dat meerdere apparaten met de rest van het netwerk verbond, voordat het gebruikelijk werd om dat met behulp van een switch [6] te doen