houtvuur

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een vuur waarbij hout de brandstof is
    Dit jaar komen liefst 1.600 re-enactors (mensen die levende geschiedenis naspelen) naar Groenlo. Ze kamperen op de oevers aan de gracht, slapen er op stro en koken op houtvuur. Van het Rebel Regiment (Polen) en Caballeros y Damas de la Orden Calatrava (Spanje) tot Historica Tempus (Frankrijk) en The Company of captain Montalbano (Verenigde Staten) zijn er ruim zestig groepen die zich mengen in de strijd.Tubantia Dolf Ruesink 21-SEPTEMBER-2017
    Klopt dit wel: is twee uur houtvuur stoken te vergelijken met tien uur autorijden? (Ja dat klopt!)Volkskrant Hidde Boersma 19 december 2016,
    Nu auto’s schoner zijn geworden, is houtrook de belangrijkste bron van fijnstof. Gemeenten denken over stookvrije wijken.NRC Sander Voormolen 15 december 2016
  2. verouderd (verouderd) soort bederf in hout

Vertalingen

Engelszest, log fire, wood fire