hoofdmacht
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het grootste en belangrijkste deel van een legerOp 28 oktober stak Koetoezov met zijn leger naar de linkeroever van de Donau over en hield voor de eerste maal halt, aangezien hij nu de Donau tussen zichzelf en de hoofdmacht van de Fransen had.
- het belangrijkste, sterkste deel van een (sport)clubTerwijl Jurriën Timber naam maakt in de hoofdmacht van Ajax, is tweelingbroer Quinten nog een stuk onbekender als hij begin mei tekent bij FC Utrecht, in hun geboortestad.
- grootse groep wielrenners tijdens een wegwedstrijd
Vertalingen
Engelsmain body, main force
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek