hoofdhaar

onzijdig (het)/ˈhofthar/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. haardos bovenop, opzij en aan de achterkant van een mensenhoofd, die vaak dikker en langer is dan de beharing op de rest van het lichaam
  2. enkele vezel uit de haardos van een mens

Etymologie

*van Middelnederlands "hovethaer", op te vatten als

Vertalingen

DuitsKopfhaar