holbewoner
mannelijk (de)/ˈhɔlbəˌwonər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (biologie) een dier dat in holen leeftKonijnen zijn holbewoners.
- een mens die in grotten (of holen) leeftHolbewoners komen tegenwoordig praktisch niet meer voor.
- (pejoratief) een dom, bruut persoonWat is hij een ongelofelijke holbewoner.
Vertalingen
Engelscave animal, cave-dweller
Franstroglodyte, habitant des cavernes
DuitsHöhlenbewohner, Höhlenmensch
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek