hoest
mannelijk (de)/hust/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (fysiologie) reflexmatige explosieve uitademingEen hoest ontstaat bij prikkeling van de luchtwegen en reinigt deze van slijm en vreemde voorwerpen.
Etymologie
* In de betekenis van ‘uitstoting van lucht met keelgeluid’ voor het eerst aangetroffen in 1253
Vertalingen
Engelscough
Franstoux
DuitsHusten
Spaanstos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek