hink-stap-springen

/ˌhɪŋkstɑpˈsprɪŋə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. sport (sport) een onderdeel van de atletiek bedrijven waarbij een hinksprong, een stap en een versprong gecombineerd wordt
    Zij gingen die middag hink-stap-springen.

Etymologie

*(samenkoppeling) van hink, stap en springen