heupband
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een band die men om de heup draagtIn het pashokje bleek ik inderdaad de verkeerde maat te dragen. Maar anders dan ik dacht, moest ik juist een kleinere omvang en een grotere cup hebben. Nu draag ik 70F en het is als toen iemand na een week backpacken mijn heupband eens goed aantrok. Ik loop een stuk fijner rond.Volkskrant Ionica Smeets 27 januari 2018Haar zomercollectie, geheel uitgevoerd in zwart, wit, grijs en beige, is al net zo elegant. Ook bij haar truien met heupband, rugdecolleté en vleermuismouwen (gecombineerd met soepele rokken tot over de knie) en rechtvallende, brede en hier en daar mouwloze jasjes. Het zag er, in zijn strenge damesachtigheid, vooral eigen en bijna tijdloos uit.Volkskrant Milou van Rossum 17 oktober 2000
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek