herstellen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) terug werkend krijgen, repareren
    Kun je de wasmachine nog herstellen?
  2. erga (erga) er terug bovenop geraken, weer beter worden
    Hij herstelt goed van de operatie.
    Meneer Wang heeft nadrukkelijk verklaard dat het in zijn intenties ligt het hotel in zijn oude luister te herstellen, waarbij de financiële armslag waarover hij naar het zich laat aanzien beschikt zeer zeker van pas zal komen.
  3. weer invoeren
    De dienstplicht herstellen.
  4. refl (refl) zich ~: weer in de vorige toestand terugkeren
  5. refl (refl) zich ~: zijn zelfbeheersing terugkrijgen

Etymologie

*afgeleid van stellen

Vertalingen

Engelsrepair, recover, recover
Fransréparer, rétablir
Duitsreparieren, wiederherstellen
Spaansreparar, reponerse, restablecer