herkauwers
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) een onderorde van herbivoren die tijdens de spijsvertering het ingenomen voedsel, nadat het in de maag is geweest, nogmaals in de mond kauwen. Ze vormen de grootste onderorde van de evenhoevigen, met zo'n 200 soorten in meer dan 60 geslachten
Etymologie
* "herkauwer" met de uitgang -s
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek