herborist

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een specialist in de kruidengeneeskunde die geneeskrachtige planten en natuurlijke ingrediënten in preparaten verwerkt tot natuurproducten die algemeen worden gebruikt in de natuurgeneeskunde
    Door nauw samen te werken met herborist Frank Radder weet Lute steeds meer over het onuitputtelijke aanbod aan kruiden tussen het gras. Zo ontdekte hij pasgeleden op een vakantie in Frankrijk nog een muntsoort in de bergen die totaal anders smaakt dan de huis-tuin-en-keukenmunt die in Nederland in de supermarktschappen ligt. Het Parool Willeke Keulen20 mei 2017 [https://www.parool.nl/nieuws/op-kruidenexcursie-langs-de-amstel-met-chef-kok-peter-lute~b26546c4/ Op kruidenexcursie langs de Amstel met chef-kok Peter Lute]
    Als ervaren chef is Birger gepassioneerd door pure smaken en rauwe, natuurlijke producten. Samen met zijn vriendin Tina verdeelt hij biologische en wilde kruiden via het label Wolv. Voor hun kruiden en infusies werken ze samen met een herborist uit Arezzo in Italië. De standaard 20 DECEMBER 2017 [https://www.standaard.be/cnt/dmf20171212_03238776 WOLV]

Etymologie

* uit het Latijn