Herbergier
mannelijk (de)/hɛrbɛr'gir/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) iemand die een herberg exploiteertDe oude herbergier overleed twee weken geleden.
Etymologie
*afgeleid van herberg
Vertalingen
Engelshost, innkeeper, landlord
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek