heggenmussen

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een geslacht (en een familie ()) van zangvogels. De familie telt 13 soorten. Het verenkleed is overwegend grijs en bruin, soms met een contrasterende oranje of zwart-witte tekening. De bovendelen zijn vaak gestreept. De lichaamslengte varieert van 14 tot 18 cm

Etymologie

* "heggenmus" met de uitgang -en