hectare

mannelijk/vrouwelijk (de)/hɛkˈtarə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wiskunde, eenheid (wiskunde), (eenheid) een oppervlaktemaat ter grootte van 100 m × 100 meter, gelijk aan 10.000 m², gelijk aan één vierkante hectometer, gelijk aan 0,1 × 0,1 kilometer, gelijk aan 0,01 km², weergegeven met symbool ha
    Een hectare bestaat uit honderd aren.
    De brandweer in Frankrijk heeft zaterdag een zeer grote bosbrand in de zuidelijke streek de Cevennen onder controle gebracht. Het vuur verspreidt zich niet meer, maar beslaat nog wel een gebied van 650 hectare.

Etymologie

* Verkorting van hectoare, samenstelling van are