headset

mannelijk (de)/ˈhɛːtsɛt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hoofdtelefoon met ingebouwde microfoon
    Pete Ramirez was op een onopvallende manier knap en een paar jaar ouder dan Mae. Hij zat in een kamer zonder bureau, zonder stoelen en zonder rechte hoeken. Het vertrek was rond en toen Mae binnenkwam, stond Pete in een headset te praten, met een honkbalknuppel te zwaaien en uit het raam te kijken. Hij wenkte haar binnen en beëindigde zijn gesprek. Hij had de honkbalknuppel nog in zijn linkerhand toen hij haar zijn rechter gaf.{{Aut|Eggers, Dave
    Om het aantal verkeersdoden terug te dringen, gaat Frankrijk het gebruik van headsets voor mobiele telefoons in het verkeer verbieden. Alleen met in de auto ingebouwde bluetooth-systemen blijft het toegestaan onderweg te bellen. NRC 27 januari 2015

Etymologie

*samenstelling uit het Engels van head en set

Vertalingen

Engelsheadset