woorden
boek
Start
›
H
›
harmonicadeur
harmonicadeur
mannelijk/vrouwelijk (de)
/hɑrˈmonikaˌdør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
deur met de vorm van de balg van een trekharmonica
Met een snelle ruk trok ze de harmonicadeur opzij.
Synoniemen
vouwdeur
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← harmonicabussen
harmonicadeuren →