haperen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- stokken, niet vooruitgaan.De motor haperde.
- kapot gaanHet roer hapert.‘Hoe is het mogelijk, hè? Dat goddelijke lichaam dat opeens begint te haperen, snap jij dat nou?’ de Volkskrant Nathalie Huigsloot25 januari 2019 [https://www.volkskrant.nl/mensen/op-bezoek-bij-de-picasso-van-winschoten-soms-twijfel-ik-eraan-of-er-niet-meer-in-had-gezeten-~bfc03c89/ INTERVIEW JAN MULDER]
Etymologie
* In de betekenis van ‘blijven steken’ voor het eerst aangetroffen in 1351
Vertalingen
Engelsgo on the blink, malfunction
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek