hangplek
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɑŋplɛk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- plaats in de openbare ruimte waar personen (vooral jongeren en bejaarden) rondhangenGebroederlijk pakten we elkaars handen vast en liepen de trap op van de enige winkel van het dorp, die ook dienst deed als centrale hangplek voor alle hikers.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek