hamervinger

mannelijk (de)/ˈhamərˌvɪŋər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) vinger waarvan het topje niet gestrekt kan worden
    Een hamervinger (ook wel mallet finger) kunt u oplopen als u uw gestrekte vinger stoot. Uw vingertop kunt u dan niet meer zelfstandig strekken.

Etymologie

* als leenvertaling van "mallet finger"