halsketting
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɑlskɛtɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een ketting als sieraad voor om de halsHij gaf zijn vriendin een halsketting.Het was een halsketting met afwisselend grote smaragden en kleine sterrenformaties van briljanten, allemaal fonkelend alsof ze nieuw waren, hoewel het sieraad uit de vroege negentiende eeuw moest komen.
- een ketting voor om de hals van het vee om het vast te binden als het op stal staatDe halskettingen voor het vee waren zoek.
Vertalingen
Spaanscollar
Deenshalskæde
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek