hagelslag

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) een soort broodbeleg, bestaande uit strooisel van chocolade of gekleurde suiker
    - Hij eet de laatste tijd veel hagelslag op zijn brood.
    - Fabrikanten van hagelslag vrezen dat hun product het volgende slachtoffer van 'de dopinghetze' zal zijn. 'Wij hebben topsporters verzocht hun hagelslaggebruik niet aan de grote klok te hangen. Want dat maakt je meteen verdacht.' Volkskrant Directie 12 maart 2016 Satirisch artikel
  2. het met kracht neervallen van de hagel
    De hagelslag van gisteren overtrof de ergste verwachtingen!
  3. hagelschade
    De hagelslag aan onze auto was enorm.

Vertalingen

Engelschocolate confetti, chocolate sprinkles, hailstorm
Fransgranulés de sucre, granulés de chocolat, chute de grêle
DuitsSchokoladenstreusel, Hagelzucker, Hagelschlag
Spaansfideos de chocolate, granizada, pedrisco
Italiaansgrandine di cioccolato, spruzzate di cioccolato