haarspeldbocht

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈharspɛldˌboχt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een zeer scherpe bocht in de weg, gelijkend op een haarspeld, die gebruikt wordt om op een beperkte ruimte sterke hoogteverschillen te overbruggen
    In de Alpen krijgt het peleton steevast te maken met haarspeldbochten.
    Er is minder dan een handvol haarspeldbochten, maar de hellingsgraden slopen de eerste reserves uit de benen.
    Toen het vlakke plateau overging in een lange steile klim, volgden we ontelbare haarspeldbochten de rotswand op.

Etymologie

* . De benaming is gebaseerd op vormgelijkenis.

Vertalingen

Engelshairpin turn, switchback
Fransvirage en lacet, virage en épingle à cheveux
DuitsHaarnadelkurve, Haarnadelkehre, Spitzkehre
Japansつづら折れ