haarlint
onzijdig (het)/ˈharlɪnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- dunne strook van textiel om een kapsel bij elkaar te binden en te versierenAls eerste toverde Pol uit een Champagne-emmer een haarlint van Angelica tevoorschijn. Toen ze verbijsterd naar haar lokken tastte, bleken die bij elkaar te worden gehouden met de bretels van de heer Venens.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek