gummi-jas
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɣʏmiˌjɑs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleding) kledingstuk dat minstens de armen en de romp bedekt, over andere kleding wordt gedragen en die door een rubberen laagje beschermt tegen nattigheid van buitenHoeveel waterdamp onze huid wel afgeeft, kan men gemakkelijk bemerken, als men enige tijd een (niet-poreuze) gummi-jas heeft gedragen. De binnenkant wordt nat, iets wat bij meer poreuze kleding niet gebeurt.
Etymologie
*, geschreven met een koppelteken volgens , omdat ij hier niet voor de lange ij staat
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek