groottante

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de zus van een grootouder; de echtgenote van een broer van een grootouder
    Bijna 33 jaar na de gewelddadige dood van een vierjarige jongen in de Vogezen komt er een verrassende wending in het onderzoek naar deze zaak. De procureur van Dijon, Jean-Jacques Bosc, bevestigde vrijdag in de Franse stad mee dat de groottante en grootoom van Grégory in voorlopige hechtenis werden genomen. De Standaard 16/06/2017 door Wle [http://www.standaard.be/cnt/dmf20170616_02928367 Groottante en grootoom van vermoorde Franse jongen in voorhechtenis]
    Zijn huis, te oordelen aan de ingemaakte kast achter zijn rug en de vele deuren een oude boerenwoonst, doet me denken aan de woning van een groottante. NRC Erwin Mortier 6 januari 2001 [https://www.nrc.nl/nieuws/2001/01/06/de-tijd-draait-domweg-rondjes-7524890-a1354659 DE TIJD DRAAIT DOMWEG RONDJES]

Vertalingen

Engelsgreat-aunt