grizzlybeer
mannelijk (de)/ˈgrɪzliˌbeːr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (roofdieren) , een Amerikaanse ondersoort van de bruine beerGrizzlyberen zijn uitstekende zwemmers; in het juiste seizoen vangen ze zalm, forel en andere vissoorten uit de rivier.Zeer weinig mensen durven deze bijna 5.000 kilometer lange trail te lopen, die precies door het midden van Amerika loopt van Montana naar New Mexico, met af en toe een gratis grizzlybeer onderweg.
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘soort beer’ voor het eerst aangetroffen in 1919
Vertalingen
Engelsgrizzly bear
Fransgrizzli
DuitsGrizzlybär
Spaansoso grizzly
Italiaansgrizzly
Portugeesurso-cinzento
Poolsgrizli, grizzly, niedźwiedź szary
Zweedsgrizzlybjörn
Deensgrizzlybjørn
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek