grief

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bezwaar, klacht
    Ik heb een grief tegen ze.
  2. verouderd (verouderd) krenking, leed, smart

Etymologie

* Van grief, in de betekenis van ‘klacht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1301. Uiteindelijk van Latijn grevis, een nevenvorm van gravis, "zwaar".