grenzeloosheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het grenzeloos zijnDe grenzeloosheid van zijn vertrouwen in zijn vrouw bleek gebaseerd op pure liefde en niet op de werkelijkheid.
Etymologie
* afgeleid van grenzeloos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek