gitarist

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek, beroep (muziek) (beroep) een musicus die een gitaar bespeelt
    Er was vaak een gitarist, die niet echt goed was, maar prima overweg kon met de basisakkoorden voor Bobs ‘Blowing in the Wind’.

Etymologie

* Afgeleid van gitaar

Vertalingen

Engelsguitarist
Spaansguitarrista