ginnegappen

/ˈɣɪnəˌɣɑpə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) onderdrukt en ietwat spottend lachen, vaak op een ongepaste wijze
    Ondanks de berispingen van hun ouders, zaten de kinderen de hele tijd te ginnegappen.
  2. grappen maken, grollen

Etymologie

* In de betekenis van ‘giechelen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1717