gevuld
/ɣəˈvʏlt/
Betekenis
werkwoord
- vol, dik, uitgebreidDe goed gevulde boodschappenman was wel zwaar om te tillen.Het goed gevulde ontbijtbuffet was een goed begin van de dag.
- van een vulling voorzienHij was dol op gevulde bonbons.Zijn gevulde kies bleef gevoelig.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek