gevlij

onzijdig (het)/ɣəˈvlɛi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. comfortabele nabijheid, in: in het ~ in goede persoonlijke verhouding, in de gunst
    Hij slaagde erin bij haar in het gevlij te komen en dit was het begin van een amoureus avontuur.

Etymologie

* van vlijen .

Vertalingen

Engelssomeone's good side, favor