geteisem
onzijdig (het)/ɣəˈtɛisəm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheldwoord), geboefte, gespuis, uitvaagsel
Etymologie
* van "חטאתים" (chatteisem) "zondoffer; schooier", in de betekenis van ‘uitvaagsel’ aangetroffen vanaf 1906
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek